terug naar Parktuin Oosterhouw

Stinzenplanten


Stinzenplanten (in de dikke Van Dale: stinsenplanten) groeien voornamelijk op kleigrond verrijkt met de organische stof die uit vijvers en grachten wordt gebaggerd. Stinzenplanten (stins = steenhuis) is een verzamelnaam voor planten die van elders (Z Europa, maar ook gebieden in Duitsland en Nederland) zijn ingevoerd vanaf de middeleeuwen tot het midden van de vorige eeuw. De bekendste stinzenplant is wel het sneeuwklokje, zowel de enkele als de dubbele vorm. De planten wisten zich zo goed te handhaven en soms ook uit te breiden, dat ze nu tot de Nederlandse flora worden gerekend. Kwamen planten van nature voor in Z.Limburg en zijn later aangeplant bij een Groninger borg dan is deze inheemse plant hier een 'regionale stinzenplant'. Een voorbeeld hiervan is de daslook. Tot de stinzenplanten worden niet alleen bolgewassen gerekend, maar ook sommige heesters en vaste planten; evenals sommige "onkruiden": zevenblad en fluitekruid. De naam stinzenplant werd voor het eerst gebezigd door de botanicus Dr. J.Botke (1923), die opmerkte dat planten uit deze groep veel voorkomen bij oude boerderijen, kerkhoven, buitenplaatsen, steenhuizen of zoals deze gebouwen in het noorden worden genoemd: borgen (Groningen), havezaten (Drenthe en Overijssel) en stinzen (Friesland). In later jaren was het D.T.E.v.d.Ploeg, die zich veel met stnzenplanten bezighield. Vaak groeien stinzenplanten ook op plaatsen die lange tijd verwaarloosd werden. U kunt nog even de website van de Schierstins te Veenwouden bezoeken.

 

Hier volgt de volledige lijst van planten, die we vatten onder de stinzenplanten. De lijst is enigszins subjectief: zelf vat ik ook de Rosa alba ‘Maxima' (rechts) (Jacobietenroos) en de Rosa gallica ‘Versicolor' (links) (rosa mundi) onder de groep stinzenplanten.

 

Zie voor boeken over dit onderwerp de Bibliotheca Oosterhouwensis onder STINZENPLANTEN


Latijnse benaming
in cultuur vanaf
Nederlandse naam
Groningse benaming
Aconitum pyramidale Fr 1480 monnikskap

Oadam en Evoa in 't hoeske

peerdeseeske

Aegopodium podograria (inheems)   zevenblad heers
Ajuga reptans E 1596 zenegroen  
Allium ursinum 1561 daslook look
- vineale (inheems)   kraailook  
Anemone blanda E 1898 oosterse anemoon  
- nemorosa Zwt 830 bosanemoon
- ranunculoides      
Anthriscus sylvestris (inheems)   fluitekruid hondekruud zie ook: Roomse kervel
Aquilegia vulgaris 1470 akelei blaauwklokjes
Arum italicum E 1683 Italiaanse aronskelk  
- maculatum Middeleeuwen gevlekte aronskelk  
Chionodoxa sardensis   sneeuwroem  
Colchicum byzantinum Zwt 1561 herfsttijloos noakende wiefkes
Convallaria majalis 1420 lelietje der dalen  
Cornus mas inh. lang in cult. gele cornoelje  
Corydalis cava E 1596 holwortel doefke ainbain
- solida E 1596 voorjaarshelmbloem doefkes
Crocus tomasinianus E 1847    
- vernus 1550 boerencrocus krookjes
Dicentra spectabilis D 1769 gebroken hartjes

bingeltjes

klaaitrös

  Zwt 830 vingerhoedskruid  

 

Doronicum pardalianches Zwt 830 voorjaarszonnebloem  
Eranthis hyemalis B 1570 winteraconiet aidoor
Erythronium dens-canis 1594 honstand  
Fragaria moschata 13e eeuw) grote bosaardbei boseerbij
Fritillaria meleagris 1572) kievitsbloem kievitsaai
Galanthus elwesii E 1874 groot sneeuwklokje  
- ikariae   glanzend sneeuwklokje  
- nivalis Middeleeuwen gewoon sneeuwklokje liederke (=stakker)
zie ARTIKEL over sneeuwklokken
- 'Plenus' E 1772 dubbel sneeuwklokje  

Galanthus ikariae

     
Galium odoratum Fr ± 1500 lieve-vrouwe-bedstro  
Geranium phaeum B 1576 donkere ooievaarsbek  
- pratense B 1583 beemdooievaarsbek  
- robertianum(inheems)   robertskruid rorimke
Helleborus foetidus 1594 stinkend nieskruid  
- virides(inheems)   wrangwortel  
Hemerocallus fulva Zwt 1561 daglelie  
Hepatica nobilis Zwt 830 leverbloempje blomke veur blad
Hesperis matronalis (sinds oudheid damastbloem damast
Lamiastrum galeobdolon var florentinum Fr 1873 gele dovenetel gele titjezoeger  
Lamium maculatum D 1588 paarse dovenetel    
Leucojum aestivum 1594 zomerklokje    
- vernum lang in cultuur lenteklokje    
Lilium martegon Zwt 830 Turkse lelie krullelie
Lonicera caprifolium lang in cultuur tuinkamperfoelie

laive-heers-handjes

zoegertje

 
Matteuccia struthiopteris 1696 struisvaren  
Muscari armeniacum E 1877 blauwe druifjes blaauwkraaltjes  
Myrrhis odorata sinds oudheid Roomse kervel toeterloof  
Narcissus poeticus 'Actaea'   dichtersnarcis widde narcis
Narcissus pseudacorus ssp major   trompetnarcis poaskeblom  
Ornithogalum umbellatum 1594 vogelmelk (wit) steerntje
- nutans 1594 knikkend vogelmelk  
Pachysandra terminalis 1860 pachysandra    
Pastinaca sativa (inheems)   pastinaak bollepiet  
Petasitus albus B 1588 wit hoefblad wit stinkblad  
Polygonatum (x) hybridum ± 1600 salomonszegel mot mit bigg'n

 

Primula vulgaris Fr ± 1500 stengelloze sleutelbloem plevaaierkes  
Pulmonaria officinalis Zwt 1561 breed longkruid  
Ranunculus ficaria (inheems)   speenkruid renonkel  
Ribes alpinum ang in cultuur Alpenbes    
Rubus spectabilis E 1827 prachtframboos  
Saxifraga granulata 'Plena' 1720 Haarlems klokkenspel stainroos  
Scilla bifolia 1594 sterhyacint    
- non scripta   wilde hyacint  
- sibirica E 1796 Oosterse sterhyacint    
- tubergeniana 1931 witte sterhyacint    
Symphoricarpus albus E 1817 sneeuwbes knappertjes  
Tulipa silvestris 1594 bostulp    
Vinca minor sinds oudheid maagdepalm    
Viola odorata sinds oudheid maarts viooltje  
Polygonum cuspidatum 1823 Japanse duizendknoop    
- bistorta (inheems)   adderwortel adderworrel  
Veratrum album E 1548 veratrum Soalemo's hinklaid