artikelen index / bibliotheekindex

Versailles


  Het hofleven van Versailles wordt kort en bondig beschreven in Versailles door J.H.Plantenga (1939). Even kort als helder wordt de tuinaanleg weergegeven. We kennen uit onze tijd de bouw van de Casa Poporului, het "volks"paleis van Ceaucescu waarvoor 90.000 (!), soms middeleeuwse, gebouwen werden afgebroken en waarop een kwart van de Roemeense economie gedurende vijf jaar draaide. (Door zijn voortijdige dood is Ceausescu overigens aan tuinaanleg rond het nieuwe paleis met zijn 3000 kroonluchters niet toegekomen).  

Versailles' bouwgeschiedenis is vergelijkbaar, maar bracht in vergelijking tot het exorbitante paleizencomplex in Bucarest wel iets op dankzij de inzet van Minister Colbert. Versailles' paleis en tuin, waren in tegenstelling tot de Casa Poporului, steeds voor het publiek toegankelijk. Alleen bedelaars werden geweigerd. Export van luxe goederen, die in het paleis te zien waren, kwam op gang en de Franse economie floreerde. Het park gaf ook een impuls aan tuinaanleg in andere landen van Europa, waaronder Nederland. 30.000 arbeiders werkten 10 jaar in Maintenon, zo'n 30 km van Versailles verwijderd om een aquaduct te bouwen die de fonteinen in het park wat hoger zouden laten spuiten. En dat terwijl er al een machine ontwikkeld was die het water 150 meter omhoogbracht, waardoor de fonteinen al 34 m hoog spoten, wat al hoger was dan in de toenmalige concurrent-tuinen te Chantilly en Vaux. Er kwam een einde aan de bouw, niet omdat grote aantallen handwerkers om het leven kwamen, maar omdat een bezoekende minister de moerasvliegen ter plaatse niet overleefde en de koning zelf na een bezoek ziek werd. De bogen op pijlers van het niet afgebouwde aquaduct zijn vanuit de kasteeltuin van Maintenon nog steeds te zien. Ze zijn even hoog als de torens van de NŰtre-Dame. De meeste van de 1400 fonteinen in het park spoten alleen als ze binnen het gezichtsveld van de koning lagen omdat er anders onvoldoende water was. De waterwerken gebruikten zo al meer water dan het waterverbruik van alle Parijzenaars tezamen. In onze tuinen zijn momenteel waterwerken trend. Anders dan de waterwerken in Renaissance-ItaliŽ zijn wij van electriciteit afhankelijk. Een middelmatige tuinpomp kost al gauw 100 euro per jaar aan stroom. We kunnen ons afvragen of dit het wel altijd waard is. Over paleis en tuin van Versailles zijn vele boeken geschreven. Een opvallend boek in folio-formaat is Versailles Gardens, Sculpture & mythology, waarin alle beelden in het park worden besproken. Tekst en uitstekende foto's door Jacques Girard (1985). Beeldhouwers uit geheel Europa en vooral ItaliŽ werkten voor Lodewijk XIV. De beroemdste is Bernini, onder meer bekend van de bootfontein (La Barcaccia, 1629) onder aan de Spaanse trappen in Rome. Versailles geldt als een Baroktuin, maar de tuinhistorie begint daar al in de Renaissance. Er werd ook na de de dood van de zonnekoning steeds aan doorgebouwd, zodat we er tevens romantische en classicistische invloeden vinden, zoals in en rond het Petit Trianon. Veel beeldengroepen staan er in het park van Versailles met een thema: jaargetijden, elementen, werelddelen, goden, Romeinse keizers, oorlog en vrede en de antiken. Een van de beelden is Theophrastus, een wit-marmer beeld door Simon Hurtrelle, gehakt tussen1686 en 1688. Dit beeld diende als inspiratiebron voor de trompe l'oeil-schildering op landhuis Oosterhouw te Leens. Buitenschilderingen worden naar Renaissance-voorbeelden in ItaliŽ ook hier nu toegepast. Bij voorkeur op een oost-muur, waar de ochtendzon de schildering weinig verbleekt en westenwind met regen er geen vat op krijgt. Op oostmuren komt daarom maar weinig alggroei voor en zal een wandschildering in acryl niet worden aangetast. Gebruik van beelden in tuinen is nu algemeen goed geworden.

 

Beeldentuinen rijzen als paddestoelen uit de grond. De Baroktuin diende als inspiratiebron voor vroegere en hedendaagse tuinen: de woorden allee, berceau, bosquet, colonnade, comedie, espalier, faisanterie, grand canal, kabinet, patte d'oie, parterre en reposoir zijn woorden die nog steeds worden gebruikt, Ook een vals perspectief zoals door Le NŰtre werd toegepast is ook nu goed bruikbaar zoals te zien is in PARKTUIN OOSTERHOUW; de langste zichtas lijkt vanuit het huis veel korter dan kijkend in de richting van het huis aan het einde van de vue. Grondhoogten en knijpende of wijkende bomen bewerkstelligen dit. Ook kunnen bomen naar achteren toe steeds iets dichter tot elkaar worden geplant, waardoor de afstand visueel toeneemt.

Klaas T. Noordhuis